Ga direct naar inhoud

Hoeveel geld kun je belastingvrij sparen in 2021?

Goed nieuws voor kleine spaarders en beleggers. Je kunt meer vermogen opbouwen voordat je vermogensbelasting gaat betalen. Sinds 1 januari is het heffingsvrij vermogen namelijk verhoogd van € 30.846,- naar € 50.000,- per persoon. Wat deze verandering verder voor jou betekent? Dat vertellen we je in dit blog.

Belastingvrij sparen in 2021

Vermogensbelasting: de basis

De Belastingdienst gaat ervan uit dat je verdient aan je vermogen. Bijvoorbeeld omdat je beleggingen geld opleveren. Of omdat je spaarrente krijgt over je spaargeld. Over dit rendement op je vermogen betaal je belasting.

In de volksmond wordt dit vaak vermogensbelasting genoemd. Officieel klopt deze term niet, want je betaalt geen belasting over je vermogen. Je betaalt belasting over het fictieve rendement op je vermogen. De juiste term is daarom vermogensrendementsheffing.

Veranderingen in de vermogensbelasting

Je geeft je vermogen op in je jaarlijkse belastingaangifte. Als peildatum geldt 1 januari van het jaar van aangifte. Niet je hele box 3-vermogen wordt belast. Het eerste gedeelte is heffingsvrij, of zoals dat vaak genoemd wordt: belastingvrij.

  • In 2021 is het heffingsvrij vermogen verhoogd naar € 50.000,-. In 2020 was dat nog € 30.846,-. Vanaf nu kun je dus meer sparen of beleggen voordat je belasting gaat betalen.
  • Heb je een fiscaal partner? Dan mogen jullie samen tot € 100.000,- belastingvrij sparen. Meer weten over fiscaal partnerschap? Lees dan ons artikel over verschillende samenlevingsvormen.
  • Heb je meer dan € 50.000,- aan vermogen? Dan betaal je vanaf 1 januari 2021 31% belasting over het fictieve rendement op je vermogen. Dat was in 2020 30%. Hoe dit precies werkt, vertellen we je verderop in dit artikel.
Over de eerste € 50.000,- van je vermogen betaal je geen vermogensbelasting.

Internetsparen

Wil je ook vermogen opbouwen? Open een gratis internetspaarrekening bij Nationale-Nederlanden.

Lees meer over Internetsparen

Je vermogen = je bezittingen – je schulden

Hoe bepaal je het vermogen waar je vermogensrendementsheffing over betaalt?

Je vermogen bestaat uit verschillende bezittingen. De belangrijkste zijn:

  • Het geld op je spaar- en betaalrekeningen;
  • Je beleggingen;
  • Een tweede woning of een huis dat je verhuurt.

Je hoeft niet al je bezittingen op te geven als vermogen. Vrijgesteld zijn bijvoorbeeld je eigen woning, de inboedel van je woning, je auto, je pensioen, je lijfrenten en groene beleggingen.

Van je bezittingen mag je je eventuele schulden aftrekken, behalve de hypotheekschuld van je eigen woning. Ook moeten je schulden boven een drempelbedrag uitkomen. In 2021 is dat € 3.200,-. Pas als je schulden hoger zijn dan dat bedrag, mag je ze van je bezittingen aftrekken.

Rekenvoorbeeld:
Je hebt € 80.000,- aan spaargeld en beleggingen. Je hebt een schuld van € 10.000,-. Daarvan is het drempelbedrag € 3.200,-. Dan geef je als vermogen op:
€ 80.000,- (je bezittingen) min € 6.800,- (je schulden). Dat komt uit op € 73.200,-.

Vermogensbelasting in 2021: hoeveel moet je betalen?

Voor je vermogen boven het heffingsvrij vermogen van € 50.000,- gelden drie belastingschijven. De grenzen van die schijven zijn in 2021 als volgt:

Schijf Alleen Met fiscaal partner Fictief rendement
- € 0,- t/m € 50.000,- € 0,- t/m € 100.000,- 0%
1 € 50.000,- t/m € 100.000,- € 100.000,- t/m € 200.000,- 1,9%
2 € 100.000,- t/m € 1.000.000,- € 200.000,- t/m € 2.000.000,- 4,5%
3 Vanaf € 1.000.000,- Vanaf € 2.000.000,- 5,69%

Rekenvoorbeeld:
Je bent alleenstaand en hebt € 73.200,- vermogen. Dan betaal je over de eerste € 50.000,- geen vermogensrendementsheffing. Want dat deel is heffingsvrij. De overige € 23.200,- valt in schijf 1. De Belastingdienst gaat uit van een fictief rendement op je vermogen van 1,9%. Dus: 1,9% van € 23.200,-. Dat is afgerond € 440,-. Over dit bedrag betaal je 31% belasting. Je totale vermogensrendementsheffing is dan € 136,-.

Wat is fictief rendement?

Zoals je gemerkt hebt, gaat de Belastingdienst niet uit van het werkelijk behaalde rendement op je vermogen. Het is namelijk niet te doen om voor elke Nederlander apart uit te zoeken wat het werkelijke rendement op het vermogen is.

In plaats daarvan rekent de Belastingdienst met een geschat percentage op basis van de gemiddelde rendementen op spaargeld en beleggingen: het fictieve rendement. Dit percentage is voor iedereen hetzelfde.

De vaste vermogensmix

De manier waarop het fictief rendement is opgebouwd, verschilt wel per belastingschijf. De Belastingdienst gaat er namelijk vanuit dat je een deel van je vermogen spaart en een deel belegt. En dat mensen die meer vermogen hebben, in verhouding meer beleggen.

De verdeling tussen sparen en beleggen noemen we ook wel de vaste vermogensmix. In 2021 is die hetzelfde als in 2020:

  • Voor schijf 1 is de verhouding 67% spaargeld en 33% beleggingen.
  • Voor schijf 2 is dat 21% spaargeld en 79% beleggingen.
  • Voor schijf 3 is dat 100% beleggingen.

Samenvattend: wat betekent dit voor jou?

Het belangrijkste dat verandert, is dat je meer vermogen kunt opbouwen voordat je vermogensrendementsheffing gaat betalen. Voorheen moest je belasting over je rendement betalen als je meer dan € 30.846,- aan vermogen had. Nu is dat boven € 50.000,-. Dat betekent dat je meer geld kunt sparen en/of beleggen voordat je vermogensbelasting betaalt.

Wil je ook vermogen opbouwen? Begin met sparen bij Nationale-Nederlanden. Als je vermogen wil opbouwen voor de lange termijn, kan beleggen ook interessant zijn. Bij Nationale-Nederlanden kun je Beheerd Beleggen. Onze beleggingsexperts nemen je het werk uit handen. Onthoud wel dat beleggen kosten en risico’s met zich meebrengt.


Wil je meer weten?