Ga direct naar inhoud

Hoe werkt de vermogensrendementsheffing in 2020?

Dit artikel gaat over belastingtips binnen Financiën

De Belastingdienst gaat ervan uit dat je verdient aan je vermogen. Zoals rente op spaarrekeningen en opbrengsten uit beleggingen. Je betaalt belasting over je veronderstelde inkomen. Dat is vermogensrendementsheffing, ook wel ‘spaartaks’ genoemd. Over deze belasting is veel discussie. Vanwege de lage rente verdienen spaarders nauwelijks nog op hun spaargeld, terwijl ze wel belasting over het veronderstelde rendement. Hoe vermogensrendementsheffing precies werkt leggen we in dit artikel uit. En welke bedragen en rentes in 2020 gelden. De komende jaren wordt de vermogensrendementsheffing beter afgestemd op het werkelijk behaalde rendement. We geven daarom ook een korte doorkijk naar de plannen voor 2022.

Wat hoort tot je vermogen voor de vermogensrendementsheffing?

Je eigen vermogen kan uit verschillende onderdelen bestaan, de belangrijkste zijn:

  • saldo op spaarrekeningen en betaalrekeningen (ook van minderjarige kinderen);
  • beleggingen;
  • een tweede woning of een huis dat je verhuurt. Een eigen huis dat je zelf bewoont, valt daar dus niet onder.

Je hoeft niet alles op te geven, je inboedel en auto zijn daarvan bijvoorbeeld vrijgesteld. Kijk verder op de website van de Belastingdienst wat is vrijgesteld van het vermogen. Daarnaast zijn er nog enkele extra vrijstellingen mogelijk. Vrijgesteld zijn:

  • groene spaarproducten of groene beleggingen.
  • nettolijfrente.
  • nettopensioen.
  • kapitaalverzekeringen.
  • (saldo)lijfrenten.

Er zitten voorwaarden en soms een maximum bedrag aan de genoemde extra vrijstellingen. Meer informatie vind je op de website van de Belastingdienst.
Elk jaar wil de Belastingdienst weten hoe groot je vermogen is. Dat geef je bij je belastingaangifte door in box 3 voor sparen en beleggen. De peildatum daarvoor is 1 januari van het jaar waarover de aangifte gaat. Het hangt af van hoe groot je vermogen is of je belasting betaalt en zo ja, hoeveel. Voor de aangifte over het belastingjaar 2020 (die je begin 2021 doet) geldt het vermogen op de peildatum 1 januari 2020.

Vermogen is bezittingen min schulden

Van het bedrag dat je aan bezittingen hebt, mag je de schulden aftrekken. Maar je schulden moeten wel boven een drempelvrij bedrag komen. Voor 2020 is het drempelvrije bedrag € 3.100,- per persoon. Bij schulden gaat het om een lening, maar níet om de betaalde rente over die lening. Ook roodstaan of een gespreide terugbetaling van een creditcardschuld is een vorm van schuld. De hypotheekschuld voor je eigen woning valt in principe niet onder de vermogensrendementsheffing en die mag je dus niet aftrekken van je vermogen.

Eerste deel vermogen vrijgesteld

De eerste € 30.846,- van je vermogen is vrijgesteld van belasting, dat heet het heffingvrij vermogen. Als je een fiscale partner hebt, is het heffingvrij vermogen van beiden samen 2 x € 30.846,- = € 61.692,- totaal. Over het bedrag boven het heffingvrij vermogen ga je belasting betalen.

Drie schijven boven heffingvrij vermogen

Voor het vermogen boven het heffingvrij vermogen gelden drie belastingschijven. De Belastingdienst gaat ervan uit dat hoe groter je vermogen is, hoe hoger het veronderstelde rendement over dat vermogen is.

Zie onderstaande tabel met de schijven en de box 3 heffing op vermogen over 2020.

Schijf Vermogen boven de heffingvrije grens (in €) Box 3 heffing*
1 tot € 72.798,- 0,54%
2 vanaf € 72.798,- tot € 1.005.573,- 1,26%
3 vanaf € 1.005.573,- 1,58%

* De box 3 heffing is het veronderstelde rendement x 30% belasting (bron: Belastingdienst).

Profiteer van voordeel met fiscaal partner

Als je een fiscale partner hebt, dan kun je belastingvoordeel behalen door het vermogen op een gunstige manier onderling te verdelen. Op die manier kan je optimaal gebruikmaken van het heffingvrij vermogen. Je bent fiscaal partner als je getrouwd of een geregistreerd partner bent. Maar ook als je samenwoont kun je fiscaal partner zijn.

Een voorbeeld

Met een voorbeeld leggen we uit hoe je voordeel hebt als fiscaal partner. Voor het belastingjaar 2020 is het heffingvrij vermogen vastgesteld op € 30.846,- per persoon. Tot dat bedrag betaal je geen vermogensrendementsheffing. Voor fiscale partners geldt het dubbele bedrag, dus € 61.692,- in totaal. En dat kan heel voordelig zijn.

Peter heeft € 5.000,- op zijn spaarrekening staan en Sofie € 45.846,-. Als zij geen fiscale partners zijn, moet Sofie belasting over haar spaargeld betalen, omdat zij € 15.000,- meer vermogen heeft dan de vrijgestelde € 30.846,-. Zij betaalt dan ongeveer € 80,- inkomstenbelasting.

Zijn Peter en Sofie wel fiscaal partner, dan kunnen ze het spaargeld bij hun aangifte verdelen. Samen hebben ze € 50.846,- spaargeld. Zowel aan Peter als aan Sofie wordt dan bijvoorbeeld de helft toegerekend in de aangifte. Omdat dit bedrag voor beiden lager is dan de vrijstelling (het heffingvrij vermogen) betalen ze hierover geen inkomstenbelasting. Zo sparen zij samen die € 80,- uit.

Plannen vanaf 2022

Het Kabinet werkt nu plannen uit om de belasting op vermogen per 2022 aan te passen. Vermogensrendementsheffing moet daarmee eerlijker worden en vooral de spaarder ontzien. De belangrijkste kenmerken van de plannen zoals die nu bekend zijn:

  • De werkelijke verhouding tussen spaargeld, beleggingen en schulden van de belastingplichtige is de basis is voor de berekeningen.
  • Is je vermogen minder dan € 30.846,- dan ben je klaar en betaal je geen box 3 heffing. Is je vermogen meer, dan ga je het nieuwe systeem in. Van de berekende box 3 heffing is een bedrag vrijgesteld (€ 400,-). De belasting over het berekende inkomen gaat van 30% naar 33%.
  • Het forfaitair rendement voor spaargeld gaat omlaag, terwijl dit voor beleggen omhoog gaat. Dat betekent dat sparen minder wordt belast en beleggen meer.

Veel spaarders hoeven bij de nieuwe plannen geen belasting meer te betalen. Als je alleen spaargeld hebt, betekent het dat ongeveer € 440.000,- is vrijgesteld van vermogensrendementsheffing bij een rente van 0,09%.

Voor beleggers zijn de plannen voor 2022 minder positief: zij gaan meer belasting betalen dan nu het geval is. Vooral wanneer zij beleggen door schulden aan te gaan. Het Kabinet moet ook nog kijken naar maatregelen tegen belastingontduiking. Want beleggers kunnen hun beleggingen overhevelen naar een spaarrekening kort voor de peildatum 1 januari, om hun belegde vermogen te verminderen. En zo minder belasting betalen.

Start met sparen

Profiteren van een variabele rente? Vraag dan onze Internetspaarrekening aan.

Lees meer over Internetsparen


Wil je meer weten?

Tips en trucs bij je belastingaangifte

Belastingaangifte doen? Haal zo veel mogelijk uit je aangifte. We zetten een overzicht met tips voor je op een rij.

Ontdek meer belastingtips