Ga direct naar inhoud

Frank Brinkmans verklapt het geheim achter bevlogen werknemers

Productief personeel dat uit zichzelf een stapje extra zet, goed voor zichzelf zorgt en bruist van de energie. Klinkt ideaal, toch? Goed nieuws: als werkgever heb je zelf invloed op de bevlogenheid van je werknemers. Frank Brinkmans, Regisseur Duurzame Inzetbaarheid bij Nationale-Nederlanden, verklapt het geheim achter bevlogen werknemers. En geeft vijf tips om te zorgen voor bevlogen personeel.

    Frank Brinkmans is een bevlogen werknemer en dat zie je. Hij heeft een grote lach op zijn gezicht, een rechte rug en opgeheven schouders. “Bevlogen werknemers krijgen energie van hun werk”, legt Frank uit. “Ze voelen zich geïnspireerd, zijn toegewijd en gaan op een plezierige manier op in hun taken. Ze hebben niet alleen hart voor de zaak, maar ook voor hun werk.”

    Franks Brinkmans

    Autonomie, verbinding en competentie

    Slechts 14% van de Nederlandse beroepsbevolking is bevlogen. Dat blijkt uit een studie van hoogleraar Arbeids- en organisatiepsychologie Wilmar Schaufeli. In 2015 deed hij onderzoek naar werkbeleving. Schaufeli ontwikkelde hiervoor de Utrechtse Bevlogenheidsschaal (UBes): een wetenschappelijk gevalideerde vragenlijst. Stellingen zijn bijvoorbeeld: ‘Ik ben enthousiast over mijn baan’. En: ‘Als ik aan het werk ben, vergeet ik alles om me heen.’

    Volgens Frank zijn er verschillende belangrijke factoren die bijdragen aan zijn bevlogenheid. Hij krijgt de vrijheid om zijn werk zelf in te vullen (autonomie), werkt samen met leuke collega’s en klanten (verbinding) en doet iets waar hij goed in is (competentie).

    Bevlogen werknemers zijn zelden ziek.

    Bovendien vindt Frank zijn werk zinvol. In zijn functie als Regisseur Duurzame Inzetbaarheid pakt hij maatschappelijk relevante thema’s op die hij zelf interessant vindt, zoals mantelzorg, kanker op de werkvloer of financiële zorgen van werknemers. Dit alles maakt dat Frank al twaalf jaar bij Nationale-Nederlanden werkt. En er nog lang niet klaar mee is. Dat gevoel gunt hij iedereen.

    Hoe zorg je dat jouw werknemers dat bevlogenheidsvirus ook krijgen? “Voor een deel heb je aanleg voor bevlogenheid”, begint Frank. “Als je werknemers positief ingesteld en gedreven zijn, zijn ze vaak ook sneller bevlogen.” Maar, benadrukt hij, je kunt bevlogenheid ook zeker ontwikkelen. En daar kun jij als werkgever bij helpen. Bijvoorbeeld op deze vijf manieren.

      1. Zet op een rij: wat geeft mijn werknemer energie en wat kost energie?

      Volgens Frank is het belangrijk dat je je personeel goed kent. Weet jij waar ze behoefte aan hebben? Laat je werknemers bijvoorbeeld een lijstje maken van hun taakeisen en energiebronnen.

      Frank: “Taakeisen zijn niet per se negatief. Het is bijvoorbeeld goed dat je duidelijke doelen en kaders hebt. Zo voel je je als werknemer serieus genomen. Maar taakeisen kunnen ook (te) veel energie kosten. Dan noem ik ze energielekken.”

      Ook Frank doet soms dingen die hij minder leuk vindt. En niet alle opdrachten gaan goed. “Dat is normaal, zolang dat niet het merendeel van mijn werk is. En er leuke dingen, oftewel energiebronnen, tegenover staan.” Is dat niet zo, dan kan een werknemer op een gegeven moment gezondheidsklachten krijgen. Zoals een burn-out. “Bevlogen werknemers zijn daarentegen zelden ziek”, stelt Frank.

      Heeft je werknemer het lijstje af? Bespreek dan samen waar je werknemer zelf invloed op heeft, en wat nu eenmaal bij het werk hoort. En bekijk waar de hulpvraag van je werknemer zit. Aan welke knoppen kun jij als werkgever draaien? “Heeft je werknemer bijvoorbeeld behoefte aan meer regelruimte?”, noemt Frank. “Of wil je werknemer graag wat minder administratieve taken doen? Kijk dan of dit mogelijk is. Op deze manier kun je als werkgever de energielekken verkleinen en de energiebronnen vergroten.”

        Zorg dat je werknemers zich gehoord en gezien voelen.

        2. Ga het gesprek met je werknemer geregeld aan

        Heb je het idee dat je je werknemers al goed kent? Ook dan is het belangrijk zo nu en dan te checken waar ze staan. “Ga de dialoog aan. Vraag hoe een taak je werknemer afgaat. Wat gaat goed? Wat niet? Zijn er dingen onduidelijk? Kun je ergens bij helpen? Maar ook: hoe bevalt de samenwerking met collega’s? En op welke manier wil je werknemer zichzelf ontwikkelen?”

        Merk je dat iemand er niet helemaal bij is met zijn hoofd, vraag dan of er iets speelt. En zo ja, of hij erover wil praten. Wat je vooral níet moet doen, volgens Frank: voor iemand invullen waar hij behoefte aan heeft.

        3. Zorg dat je werknemer zich gezien voelt

        Volgens Frank is het belangrijk dat je personeel zich gezien voelt. Als voorbeeld noemt hij een werknemer die naast haar fulltime baan mantelzorger is. “Stel dat zij vraagt of ze morgen een half uur later kan beginnen, omdat ze bij haar moeder langs moet. Als je je als leidinggevende flexibel opstelt, is de kans groot dat je werknemer dat ook doet. En de volgende keer wat langer doorgaat, ter compensatie. Omdat je een veilige omgeving creëert, waarin ze zich gesteund voelt.” Je bevordert bevlogenheid dus door te zorgen dat je werknemers zich gehoord, gezien én serieus genomen voelen.

        4. Lever maatwerk

        Wat een werknemer bevlogen maakt, verschilt per persoon. De ene werknemer heeft veel behoefte aan vrijheid en wil bijvoorbeeld wat flexibeler zijn in werktijden. Terwijl de ander van structuur houdt en het liefst om 9.00 uur begint en om 17.00 uur klaar is. “Maatwerk is daarom cruciaal”, benadrukt Frank. “Voor een grote organisatie klinkt dat misschien als een hoop gedoe, maar zo moeilijk is het niet.”

        Zijn tip: “Maak het niet te groot. Je hele bedrijf in één keer bevlogen maken, is niet te doen.” Hij adviseert bijvoorbeeld met vijf teams te beginnen. Vraag de leidinggevenden van die teams om met hun afdeling te bespreken waar iedereen behoefte aan heeft. En doe dat in individuele gesprekken.

        Vragen die je kunt stellen aan je werknemer: heb je behoefte om vaker betrokken te worden bij de bedrijfsvoering? Of hoeft dat niet per se? En hoe bevalt het thuiswerken in coronatijd? Wil je dat in het Nieuwe Normaal doorzetten of het liefst weer zo snel mogelijk naar kantoor? Ga actief aan de slag met de antwoorden. En blijf je werknemers om feedback vragen. “Niet alleen neem je ze dan serieus, ook zorg je ervoor dat ze die noodzakelijke verbinding ervaren”, aldus Frank.


        5. Zorg voor een buddysysteem

        Daarnaast kun je nieuwe werknemers koppelen aan een ‘buddy’. Dat is een collega bij wie de nieuwe aanwinst terecht kan voor vragen en advies. “Goed voor de bevlogenheid van de nieuwe werknemer, want die voelt zich gehoord en geholpen”, legt Frank uit. “En ook de bevlogenheid van de buddy krijgt een boost, omdat die zich competent voelt. Dat is een goede energiebron.”

        Frank benadrukt wel dat je het buddysysteem minimaal een jaar moet hanteren. Niet alleen tijdens het onboarding proces, maar ook daarna. “Zo beginnen ze niet alleen bevlogen, maar houden ze dat gevoel ook vast. En daar profiteer jij als bedrijf ook weer van. Een win-winsituatie.”

        Bevlogen werknemers zorgen voor tevreden klanten. Nationale-Nederlanden helpt je graag om te zorgen dat je werknemers zich bevlogen, vitaal en veerkrachtig voelen. Lees onze do’s en don’ts voor tevreden thuiswerkend personeel. En lees het verhaal van Mike Lie-A-Lien, die zich als Health Manager dagelijks inzet voor de gezondheid en vitaliteit van werknemers.

        Meer weten?

        Nationale-Nederlanden Inkomen Collectief ondersteunt klanten actief om de duurzame inzetbaarheid van werknemers te vergroten. Wil je meer weten over hoe Nationale-Nederlanden dit doet of heb je vragen? Stuur gerust een e-mail naar Frank Brinkmans via f.brinkmans@nn.nl. Wij denken graag met je mee. Samen maken we Nederland vitaal en veerkrachtig, met oplossingen van nu.

        Ondernemen doe je samen